donderdag, april 28, 2016

Moira - Een Hemels Sprookje - ( Deel 7) - Lilian Gijsbers



Moira - Een Hemels Sprookje
(Deel 7)
Auteur - Lilian Gijsbers


Voorbij de illusie creëer je de wereld
De tijd verstreek en haar groei had zich voortgezet. Moira raakte gewend aan haar gaven. Ze sprak er vaker over met vreemden en ook in haar vriendenkring liet ze wel eens wat los. De cursus bracht haar vertrouwen. Om te kunnen oefenen, hielp ze steeds meer mensen die op haar pad kwamen. Haar ouders had ze nog niks verteld. Wat zou ze hen moeten zeggen? “Pap en mam, ik kan mensen genezen. Ze zouden vast vragen of ik een cursus op internet heb gevolgd,” dacht Moira. Ze moest glimlachen bij het idee. Nee, de traditionele geneeskunde was niet haar ding, omdat ze vond dat medicijnen vaak ter bestrijding gegeven werden en dat er naar de echte oorzaak te weinig werd gezocht. Dat weekend kwam ze weer bij haar ouders, die weer praatten over vakanties, een vriend die ziek was en waarschijnlijk zou overlijden, maar ze hadden het vooral over dieet en afvallen, het waren dingen die Moira nooit besprak. Een dieet had ze niet nodig, vakantie kon ze niet betalen en een zieke vriend had ze gelukkig ook niet. Ze kon er niet echt over meepraten. Maar ze liet haar ouders maar vertellen, omdat ze zelf toch niet wist wat ze moest zeggen. Haar vader vertelde vervolgens, dat hij naar het ziekenhuis was geweest en dat ze aan zijn rug niets meer konden doen. “Hij is versleten, zeggen ze” haar vader keek teleurgesteld, “ze kunnen het niet opereren ofzo, ik moet met de pijn leren leven.” Opeens was Moira klaarwakker. Dit was een onderwerp waar ze wat mee kon. Maar dan moest ze wel haar zwijgen doorbreken. Moira zat in tweestrijd, haar ouders zouden nooit begrijpen wat ze deed. Maar haar vader had pijn en Moira voelde heel sterk dat ze iets moest doen. Ze vroeg haar vader of ze hem mocht helpen. “Ik doe verder niks, pap. Ik houd je gewoon vast.” Haar vader liet het gelaten toe. Moira’s moeder stond een eindje verder en keek met een bevreemd lachje toe. “Wat doe je nu weer? Jij hebt ook altijd wat. Wat zou jij in vredesnaam voor jouw vader kunnen doen?” Moira wist dat haar moeder dit niet zou begrijpen, maar zette toch door. Tot haar verbazing, vond haar vader het geweldig. “ Moira, ik voel energie stromen en de pijn wordt minder!” meldde hij enthousiast. Moira kreeg hierdoor wat meer zelfvertrouwen en in haar ooghoek zag ze ook haar moeder verbaasd luisteren naar de reactie van haar man. Die avond vertelde Moira aan Sander dat ze haar vader een ‘healing’ had gegeven en dat het zo’n bijzondere ervaring was geweest. Het werd Moira duidelijk dat dit weer zo’n bijzondere toevallige situatie was, waarop het universum haar hielp om verder te komen. Het was een staaltje Goddelijke interventie, die haar leven ten gunste veranderde. Dit moment had haar de kans gegeven haar gave te laten zien aan haar ouders, zonder dat ze het in een moeilijk gesprek uit had hoeven leggen. In woorden zouden ze haar nooit begrepen hebben, maar nu het zo fysiek voelbaar was geweest voor haar vader, was het gewoon duidelijk. De volgende morgen ging de telefoon. Het was haar vader. “Lieverd, ik weet niet wat je hebt gedaan, maar de pijn is helemaal weg. Vannacht heb ik geweldig geslapen en ik voel me heerlijk.” Moira was blij verrast. Dit was een cadeautje! Haar eigen vader had aan den lijve ondervonden hoe healing werkte en was hier hopelijk voorzichtig van overtuigd nu. De dag was al gemaakt, voordat hij goed en wel begonnen was. Ze hing op en vertelde Sander wat haar vader gezegd had. Sander was, net als haar vader was geweest, sceptisch. Gelukkig liet hij haar vrij in haar eigen ontdekkingstocht. En dat was goed zo. Ze begreep nog lang niet alles van de wereld die voor velen onzichtbaar bleef. Doordat er voor haar telkens tipjes van de sluier werden opgelicht, begreep ze er zelf steeds meer van. De onzichtbare wereld lag als een warme deken over de zichtbare wereld heen. Je kon gemakkelijk in beide werelden vertoeven, maar ze voelden duidelijk heel anders aan. Tijdens haar spirituele ontdekkingstocht had ze een bijzonder inzicht gekregen: de werelden vulden elkaar geweldig aan. Wat een ontzettend rijk gevoel was dat! Ze zag ook duidelijk het belang van beide werelden in en ook waarom ze onlosmakelijk aan elkaar verbonden waren. Op haar nieuwe weg deden zich situaties voor, die haar nog dichter bij zichzelf brachten. Ze zag in dat als ze dichtbij haar werkelijke natuur kwam en ze ging lopen in de weg van haar ziel, zij daarmee zelf situaties creëerde die haar hielpen om verder te komen. En dat wanneer alles een geheel is, de wereld zich om haar heen vormde. Ze was zich ook bewust van het feit dat zo te leven niet alleen voor haar was weggelegd, maar voor elk mens. Je moest het alleen wel zelf zien. Zelf ontdekken. Leef je in angst en ben je bang om dingen te verliezen? Dan verlies je uiteindelijk ook. Leef je in controle en wil je de controle altijd houden? Dan zorgt het universum dat je de controle verliest. Dat waaraan je wanhopig vasthoudt, dat is hetgeen wat het hardste wegvalt. Dus moet je leren loslaten. Het lijkt een zwaktebod, maar dat is het niet. Zodra je kunt loslaten, ben je juist sterker dan ooit tevoren. Het loslaten wil zeggen dat je in complete overgave leeft. Een leven in de stroom met het universum, zodat je het pad bewandelt dat voor jou bedoeld is. Het pad weet namelijk beter wat goed voor jou is, dan dat je dat zelf weet. Pas als je luistert naar je ziel, zie je dat het pad jou leidt langs wegen die je nooit eerder zag. De ziel heeft een zachte stem. Ze leidt je met subtiele lessen naar de bijbehorende ervaring en die ervaring gaat vele malen dieper dan het lezen erover ooit kan doen. De ziel creëert dus voor jou een pad in de perfecte wereld. Alleen voelt het niet altijd zo. De ziel stuurt je op een weg die je met je hoofd nooit had kunnen bedenken. Ze laat je dingen voelen die je met je hart nooit had durven voelen. De kracht van het pad is zo sterk dat je vele malen in vertwijfeling stopt met lopen, om op zoek te gaan naar iets dat gemakkelijker is. Is het dan zo zwaar? Nee! Het is niet zwaar. Het is ook niet moeilijk, maar het is zo gigantisch confronterend met wie wij werkelijk zijn. De meeste mensen ervaren het wel als zwaar, moeilijk en zeer pijnlijk. Maar dat komt, omdat het leven hen aanspoort om verder te gaan. Waar je dreigt vast te lopen in oude patronen, daar duwt het leven je over de rand. Zo ben je genoodzaakt om verder te gaan en door te pakken. Moira zakte weg, luisterend naar de stem van haar ziel. Ze merkte dat ze steeds vaker diep in zichzelf wegzakte. Deze diepe vorm van meditatie moest ze vroeger altijd oproepen, maar steeds vaker gebeurde het nu vanzelf. Ze voelde zich rustig, sereen en mooi. Dit was haar juiste weg. Ook al zag het er zo anders en nieuw uit. De ziel heeft zulke zachte methodes om jou op de juiste weg te leiden, dat je gemakkelijk overspoeld wordt met informatie uit de buitenwereld en waardoor je de stem van de ziel kwijtraakt. Maar de stem is er altijd, als jij de rust in jezelf maar opzoekt. “In de stilte ontstaat de ruimte om te groeien.” De zin werd in haar oor gefluisterd. “Wow, dat is een mooie gedachte. Die houd ik vast.” Het gaf Moira moed. In de stilte zijn is voor veel mensen eng. Stilte zijn we niet meer zo gewend. We leven in drukke steden, hebben het zelf druk en willen ook altijd bezig zijn. Als we niet bezig zijn, dan staat de TV aan of zitten we op internet. De stilte is niet meer aanwezig zoals dat ooit wel het geval was. In de stilte van vroeger stonden we veel dichter bij onszelf en uiteindelijk ook dichterbij de ander. We leefden vanuit een innerlijk weten en met een vertrouwen dat het leven bracht wat nodig was.


Opeens zag Moira dat Sander zat te zwaaien. “Schat, waar ben je? Je zit hier aan tafel, maar je lijkt zo ver weg. Je moet gaan werken! Wakker worden!” Was ze zover afgedwaald dat ze alle besef van tijd en ruimte kwijt was? Het moest wel zo zijn. Het gevoel was Moira niet vreemd, zo was het altijd al. Het leek op dromen, maar het was iets anders. Ze was niet dromerig. Ze was simpelweg in gesprek. In gesprek met mensen uit de onzichtbare wereld. Mensen die zij wel zag, maar Sander duidelijk niet. “Hoe moet ik dat toch uitleggen?” Moira wist dat Sander het niet zou begrijpen en zei daarom alleen maar “Lieverd, als ik zover weg ben laat mij dan maar gewoon. Ik voel me dan compleet, heerlijk en geborgen. Het is mijn manier om te overleven. Tijdens dit soort momenten krijg ik inzichten, komen nieuwe ideeën en weet ik wat me te doen staat.” Sander reageerde lachend “Wat jij doet moet je zelf weten, maar ik wil wel dat je me helpt met de kinderen aankleden en opruimen. Dan ga je straks maar lekker zitten staren, als je dat zo fijn vindt.” Hij had gelijk. Moira wist dat het staren, zoals Sander het zo mooi noemde, voor haar van essentieel belang was, maar ze moest ook bij haar gezin blijven en zich bewust zijn van haar verantwoordelijkheden in haar werk en in het huishouden. De balans vinden was moeilijk. Veel moeders klagen al over de balans tussen werk en gezin. Moira had nog een andere vorm van balans ernaast te vinden, namelijk die tussen geestelijk en aards leven. Ze zou de hele dag in de onzichtbare wereld kunnen verblijven, maar daar zou ze totaal niks kunnen uitrichten. Hier op aarde lag haar taak met alle aardse beslommeringen van dien. Moira ging aan het werk. Straks zou ze wel weer tijd hebben om de draad van haar gedachten weer op te pakken. Ze zat op een spoor en ze was opeens geïnspireerd. Ze had een weg gevonden naar universele kennis. Vandaag zou ze die bron weer eens aanboren. Ze pakte Julia uit haar kinderstoel en poetste haar tanden. “Kleine viespeuk. Allemaal chocolade.” Julia lachte hard en rende weg. Oh nee! Nu moesten ze zich weer gaan haasten. De school begon al bijna, maar goed dat Sander haar ’wakker’ had gemaakt. De kinderen werden snel aangekleed en de broodtrommeltjes gevuld. Moira kon wel snel functioneren, maar ze had er gewoon niet altijd zin in. Ze vond het moeilijk om die verschillende vormen van balans te vinden. Eigenlijk was het gewoon fijner om in de onzichtbare wereld tussen haar spirituele vrienden te zijn, want daar was het leven zorgeloos. Daar scheen altijd de zon, was er geen stress en waren er geen boze mensen. Daar was iedereen gelijk. Ze dienden allemaal het grotere geheel en ze waren dienstbaar naar de mensen. Alles was daar perfect. Maar ja, het is ook de hemel en zoals het daar is, is het op de aarde nog lang niet. “Moira, stop hiermee, ga aan het werk” zei ze bestraffend tegen zichzelf. Ze voelde dat ze nog steeds verbonden was met haar ziel en de spirituele wereld. In die verbondenheid leefde ze eigenlijk inmiddels al automatisch en schakelde van het één naar het ander. Voor haar stopte de hemel niet, maar liep deze naadloos over in de aarde. Maar hoe vreemd zou dit bij andere mensen in de oren klinken als ze haar visie zou delen? Even verviel ze weer in een gevoel van eenzaamheid en van onbegrepen zijn. “Niet aan denken nu! Opschieten. De kinderen komen anders te laat.” De innerlijke strijd van Moira viel haar soms zwaar. Maar de liefde die ze om zich heen voelde vertelde haar dat ze iets belangrijks deed. Ze bracht die liefde naar de wereld. En dat hield haar staande: “Liefde overwint immers alles!”


Jij als schepper
Ze had een druk programma die dag en pas tegen het einde van de middag had ze tijd om de bron van kennis die ze vanochtend geopend had, nader te gaan bekijken. De inspiratie kwam vanzelf terug en Moira voelde dat ze dingen moest opschrijven. Soms kwam de inspiratie zo snel, dat ze nauwelijks tijd had om te begrijpen wat ze ermee zou moeten doen. Meestal kon ze het goed onthouden, maar soms was het zo overdonderend dat ze het daarna niet meer kon doorgronden. Opschrijven zou helpen. Dat wist ze. De woorden vloeiden uit haar pen: De wereld is gemaakt in een soort illusie, alsof je leeft in een wereld die speciaal voor jou lijkt te zijn gemaakt. Je wordt geacht op aarde te leren dat je een klein radertje bent van een veel groter geheel en dat je een spiritueel wezen bent. Een wezen dat nooit verloren gaat. Het fysieke lichaam gaat uiteindelijk dood, maar de energie, degene die jij bent, die blijft springlevend en eeuwig voortbestaan. De mens leert het meeste van de dieptepunten in zijn leven, want daarin word je teruggeworpen op jezelf. Dan moet je sterk zijn en durven vertrouwen in wie jij bent. Uiteindelijk moet je het allemaal zelf doen. Een ander kan je helpen door jou inzichten te geven, maar jij moet het leven leven en je alle daarbij behorende lessen eigen maken. En hoe ouder jouw energie wordt, des te meer deze weet. Een oude ziel is niets meer en niets minder, dan de energie van iemand die reeds vele eeuwen bestaat. Die tijdens zijn diverse levens geleerd heeft wie hij werkelijk is en hoe de wereld werkt en waarom de wereld soms zo boos lijkt. Een oude ziel ‘weet’. Het is een ‘wetende’ wijze. Deze heeft letterlijk door schade en schande ondervonden dat hij een Goddelijk wezen is, zoals alle andere mensen dat ook zijn. Wij zijn allemaal een stukje van God en daarmee dus elkaars gelijken. Door deze gewaarwording, door de ervaring dat het zo is, valt de illusie weg. Dan ben je in staat om de mens te zien die achter de illusie schuilt. Dan ben je in de gelegenheid om de hemel te betreden terwijl je nog leeft. Dan komen jouw werkelijke gaven aan het licht en dan mag je licht brengen aan anderen. Als mens blijf je menselijk, maar je bent tegelijkertijd ook een spiritueel wezen. In dat besef werk je samen met de spirituele wereld waar overleden spirituele wezens een astraal lichaam bewonen. Dat is een lichaam zonder de fysieke vorm, zoals we die op aarde kennen. Het doorbreken van de illusie is iets wat je zelf doet. Je overwint in feite jezelf. Het vraagt moed, overtuiging en wilskracht, maar als je die gevonden hebt, opent zich de wereld achter de illusie. En die wereld is vele malen liefdevoller, vele malen krachtiger en zo veel mooier. Het heeft diepere kleuren. Het is er zachter en stralender en het biedt jou als mens ongekende mogelijkheden tot ontwikkeling van de wensen die in je ziel leven. Daar ontstaat de ruimte om zelf te creëren: om zelf mede te scheppen aan wat God ons heeft gegeven. Je schept werkelijk vorm op aarde. Een vorm waarvoor je al die levens en al die eeuwen voor gestudeerd hebt op de fysieke school die de aarde feitelijk is. Hoe beter je in staat bent te vertrouwen, jezelf over durft te geven aan de wetten die de aarde heeft en hoe meer je luistert naar de stilte van je ziel. Hoe mooier en liefdevoller jouw creaties zijn. En dit alles is waarvoor de aarde bestemd is. Het is het bestaansrecht van de aarde. De mensheid leeft op deze aarde, om te ontdekken dat ze zelf de aarde zijn en dat ze deze kunnen scheppen naar hun beste eer en geweten. God kan zelf niet scheppen: Hij schept door middel van de mens. De mens manifesteert hetgeen God als wensen in de zielen heeft geplant. Maar als het zo gemakkelijk zou zijn, dan zouden wij mensen daar geen uitdaging genoeg in vinden. Dus is het leren op de aardse school zwaar. Het zit vol uitdagingen en ontberingen, zodat je jezelf keer op keer moet leren overwinnen.
En lukt het niet? Dan kom je terug en begin je een nieuw leven. Je krijgt kansen genoeg. Leven, na leven, na leven, word je geconfronteerd met jouw grootste uitdagingen. Net zolang totdat je het leven begrijpt. Dan is je les geleerd. Op aarde noemen ze dat ook wel eens karma, maar uiteindelijk zijn het gewoon wijze levenslessen die jij als mens nodig hebt. Jouw leven is een op maat gesneden les en je krijgt er bijpassende figuranten bij die jouw lessen levendig en echt maken. En wanneer je sterft, krijg je alles wat je geleerd hebt nog eens haarfijn te zien. Het lijkt op een film van je leven, waarin je getoond wordt hoe goed jij je lessen hebt geleerd en waar je jezelf nog kunt verbeteren. De wereld is zo mooi! We zien het alleen niet in het juiste perspectief. We zien niet dat de wereld op aarde een leerschool is. We beseffen niet dat we allemaal dezelfde lessen leren en ieder hierin ons eigen tempo mogen volgen. We realiseren ons niet dat we zelf een stukje zijn van de Goddelijke energie. Als we dat wel zouden weten, dan zouden de lessen je niet meer het gevoel geven dat je er werkelijk iets van geleerd hebt. Doodgaan is de manier om even terug bij jezelf te kunnen komen; los van de illusie die je op aarde leeft. Wanneer je niet beperkt wordt door een fysiek lichaam, kun je beter begrijpen waarom je bepaalde dingen moest meemaken. In die betreffende situaties word je bijgestaan door de spirits en hiermee bedoelen we de energie van mensen die reeds eerder zijn gegaan. Ze begeleiden je vriendelijk en zorgen dat je kunt helen na een geleefd leven. Niemand wordt aan zijn lot overgelaten. Je wordt altijd geholpen door onzichtbare handen en die handen zijn er voor iedereen. Het cadeau, de beloning die ooit aan het einde van dit pad op je wacht, is ten alle tijden de opofferingen die je hebt gemaakt waard. Je ontvangt namelijk in je laatste leven alle inzichten die je in je levens hebt opgedaan terug. Je kunt jezelf weer herinneren waar je vandaan komt en wie je was, maar ook waarom je hier bent gekomen en wat jouw taak is. Al deze zaken worden je liefdevol getoond terwijl je nog leeft, maar je moet dat wel willen kunnen zien! Als je dat ziet verandert je leven. Het maakt je compleet. Sommige mensen kunnen erover vertellen na een bijna doodervaring, omdat je dan heel even inzicht krijgt in het waarom je hebt geleefd en wie je bent. Maar je hoeft geen bijna doodervaring te beleven om deze ultieme staat van zijn te bereiken. Het bijzondere is, dat je op aarde zelf kunt en mag leren te ontdekken wie je werkelijk bent. Maar die weg gaat nóóit over 1 nacht ijs. Je zult er heel intensief aan moeten werken. Je hebt een dosis wilskracht nodig. Je moet jezelf kunnen en durven zijn. Je moet leren dat je jezelf nooit hoger mag plaatsen dan een ander, of beter te zijn. Je weet dan wel meer, maar het maakt je nooit hoger of beter dan een ander. Al deze dingen zijn het cadeau; het resultaat van alle levens opgeteld. Als je dit allemaal geleerd hebt en toepast in jouw leven, pas dan word je een menselijke engel…..
Van schrik liet Moira haar pen vallen. Ze had alles vloeiend opgeschreven. De woorden, de zinnen, de wijsheid daarvan. Ze schoot overeind. “Is dit wat ze me willen laten ervaren? Is dit waarom mijn leven zo vreemd in elkaar zit? Willen ze me laten zien dat ik een menselijke engel kan worden? Dat ik er klaar voor ben om mijn taak als licht voor een ander te kunnen gaan schijnen? Ben ik klaar met mijn lessen op de aarde?” De tranen stroomden over haar wangen. Ze voelde het antwoord in haar ziel, “Je bent er klaar voor om een menselijke engel te worden. Je mag opstaan. Je mag er helemaal zijn.” De tranen gingen nog harder stromen. Moira voelde zich ongemakkelijk, draaide op haar stoel en keek of niemand haar kon zien in haar kantoortje. Maar er was geen mens. Ze kon zich overgeven aan wat er gebeurde. “Ik ben een menselijke engel,” hoorde ze zichzelf fluisteren. Opeens leek alles samen te vallen. En Moira werd overvallen door een angst. Een onzeker gevoel, zo groot als ze nog nooit eerder had ervaren. “Ik kan dit toch niet? Hoe kunnen ze van me verwachten dat ik een engel ben? Waar moet ik beginnen? Wat moet ik doen? Ik wil dit niet! Vertel me niet dat dit is, wat ik ooit gevraagd heb. Hoe kan ik dit stoppen?” Moira had de neiging onder haar bureau te kruipen om daar te wachten tot haar leven voorbij zou zijn. “Het zou toch niet lang duren?” De onzekerheid gierde door haar lijf. Haar schouders deden pijn en ze voelde een enorme knoop in haar maag. “Waarom ik? Er zijn zoveel mooie, geweldige, succesvolle en wijze mensen? Waarom ik?” Opeens had Moira het helemaal met zichzelf gehad. Ze was boos en verdrietig tegelijk, maar voelde aan de andere kant een enorme opluchting. Een vreugde en een krachtige liefde, die gewoon pijn deed aan haar hart en ook hoofdpijn veroorzaakte. Moira wilde rustig blijven en even diep naar binnen keren. Het leek wel alsof ze alles vergeten was wat ze wist. Ze kon het gewoon niet geloven, maar ze wist dat ze de waarheid had gehoord. Ze wist dat dit haar levenstaak was. Ze wist het gewoon. Ze was een wetende; een vrouw die Weet. Ze voelde een krachtige energie door zich heen stromen. De aarde gaf haar energie. Moeder aarde bracht haar die kracht. Ze voelde de energie door haar voeten en haar onderste chakra omhoog komen. Bulderend als een rivier kwam de energie hoger en hoger en leek verbinding te maken met haar kruin. Het stroomde uit haar kruin zo haar eigen energieveld in. Moira was overgeleverd aan Hogere energieën. Ze had iets open gezet en nu was het tij niet meer te keren. Ze zuchtte, liet zich zakken en ging voelen. Diep in haar voelde ze de energie borrelen. Haar ziel uitte een lach, die zich via haar mond naar buiten geperst werd. Een harde lach kwam over haar lippen. Tranen bleven vloeien. Een groots besef maakte zich van haar meester. Het vloeide in elke cel recht naar haar hart. Ze kon het wel schreeuwen van ontzag. “Lieve Moira, loop naar de spiegel en zie hoe mooi je bent. Voel de liefde die in jou zit. Deel deze liefde, lieve Moira. Geef de mensen de liefde die ze zoeken. Er zijn niet veel menselijke engelen. Je bent hard nodig op deze aarde. De hemel is nu in jou. De hemel is niet boven, maar boven en beneden. Zo binnen en zo buiten. Breng de hemel naar buiten. Neem die taak op je.” Moira was gespannen en kon niet geloven dat de spirituele wezens uit de onzichtbare wereld dit tegen haar gezegd hadden. Toch was dit gevoel zo echt. Zo intens, zo waardevol en zo aanwezig, dat ze dit niet als fantasie kon afdoen. “Ik zal mijn best doen,” was hetgeen ze beloofde. Ze wilde en zou het proberen. Ze zou er helemaal voor gaan. Maar wat het betekende en wat ze moest doen? Dat kon ze nog niet overzien. Eigenlijk snapte ze er niks van. Maar ze vertrouwde op haar weg en op hetgeen het leven haar had geleerd. Dat was haar houvast. Haar draad. Het was de wilskracht die haar overeind hield en het was de liefde die haar deed voortgaan. Wat hield ze toch van deze aarde en wat hield ze toch van al haar eigenaardige bewoners. De liefde stroomde uit Moira. Ze kon het niet stoppen en ook al begreep ze het niet precies, ze voelde een enorme intense liefde in alles om haar heen. Alles sprankelde. Alles wat ze zag had stralende witte randjes. Bomen gloeiden als gloeiwormen in de nacht. Bloemen straalden hun kleuren uit als diamanten in alle kleuren van de regenboog, maar dan duizend keer weerkaatst.
De weg van de menselijke engel
Moira had geen zin om te koken. Ze kon zich niet concentreren en de drukte van de kinderen deed haar pijn in haar oren. Ze was helemaal van slag. Maar het leven ging door, of zij er nu klaar voor was of niet. Het leven vroeg van haar een tempo waarin ze nu even niet kon functioneren. Ze wilde alleen zijn. Zich naar binnen keren en voelen wat ze die dag had meegemaakt. Maar ze kon toch niet haar gezin alleen beneden laten en zelf naar bed gaan? Nee! Ze moest zich herpakken. “Ik ben ook een mens met taken en verantwoordelijkheden hier. Ze bedankte haar vrienden in de spirituele wereld voor dit prachtige inzicht en sloot zich af van de hogere energie. Dat hielp en meteen voelde Moira dat ze weer geaard was. Ze was weer hier, alert en aanwezig. Gelukkig had ze al vaak geoefend in de balans zoeken tussen boven en beneden.
“Al die oefeningen zijn dus allemaal niet voor niets geweest!” Ze besloot om frietjes te halen. Sander wilde wel even gaan met de meisjes. Het tweetal juichte: “Ja lekker, frietjes.” Ze voelde zich een geweldige moeder, terwijl ze bedacht dat ze friet niet bepaald vond passen in het plaatje van de verantwoorde maaltijd die ze haar kinderen wilde voorzetten. Maar voor deze keer was het goed. Ze was de heldin in huis en ze hoefde niet te koken. Toen ze allemaal weg waren kon Moira 5 minuutjes voor zichzelf nemen. Ze was moe. De intense sessie had haar al haar energie weggezogen. Het was duidelijk allemaal te veel geweest. Maar ze was blij dat ze zich goed had gehouden en hoe sterk ze zich had gevoeld. Ze kon het wel, maar moest gewoon nog precies de juiste vorm voor zichzelf kiezen. En daar kwam het drietal al aan met de warme frietjes. “Had je niet even bordjes kunnen neerzetten? En messen en vorken kunnen neerleggen?” bromde Sander. Ze kon Sander niet uitleggen waar ze was geweest met haar gedachten, dus pakte ze de borden en het bestek en zei maar niks. Het was goed zo. Die avond ging ze op tijd naar boven. Lekker douchen en lang mediteren. Alles wat ze die dag gehoord en gezien had moest ze een plekje in zichzelf geven. Ze pakte haar meditatiekrukje en stak een wierook stokje aan. Al snel zakte Moira in een diepe meditatie. Ze voelde hoe ze tot rust kwam. In deze toestand kon ze de hele wereld aan. Ze zag in vroegere beelden hoe de aarde was gemaakt. Ze hoorde een stem vertellen over haar ontstaan. Ze voelde hoe zij deel had uitgemaakt van het Goddelijke plan. De aarde was er voor de mensen, zodat ze konden leren in de materie. De mensen leerden en ontwikkelden zichzelf en daarmee werd de energie van de aarde gevoed. Dit proces droeg weer bij aan de ontwikkeling van het universum als geheel. Het was de manier waarop God zichzelf elke dag opnieuw uitvond. De mensen op aarde vergaten hun oorsprong. Ze werden letterlijk in het diepe gegooid en moesten gaan leren hoe ze op eigen benen konden gaan staan. Hierbij werd de mensheid al in den beginne bijgestaan door de engelen en spirits uit de geestenwereld. Mensen konden die alleen zien via hun derde oog. Deze wereld zou op de achtergrond blijven. Onzichtbaar zijn met de fysieke 5 zintuigen die de mensen meegekregen hadden. Maar er waren ook mensen die wél gezegend waren met de mogelijkheid om de onzichtbare wereld te zien. Ze konden er zelfs mee communiceren! Door te spreken met de spirits van hun voorouders leerden ze vele spirituele wijsheden. Deze mensen waren de sjamanen, priesters, medicijnmannen en Yogi’s. Zij brachten de hemel dichterbij de aarde en deden dat stap voor stap. Zij leerden mensen te durven vertrouwen op de kennis van de spirituele wereld. Ze leerden hen te genezen met de kracht van de spirituele wereld. Zij waren de wijzen die konden zien in de onzichtbare wereld. In sommige culturen werden er rituelen opgezet om de geesten en engelen te eren. Ze zagen de spirituele wezens als Goden en vereerden hen allemaal. Er werden grote gebouwen gebouwd om deze Goden te eren. Maar er kwam ook ruzie, omdat de interpretatie van de geestenwereld en de engelen door elk mens anders werd overgebracht. De een vond het nodig angst te zaaien en vertelde dat de steun van de geesten zou verdwijnen als men niet deed wat hij zei. De ander wilde alleen nog maar in hogere sferen verkeren door het gebruik van verdovende middelen en drugs. Zij rookten of dronken hallucinerende middelen om op die manier zo lang mogelijk in contact te blijven met de spirituele wezens. Ze kregen wel de kennis en werden wetenden, maar ze verloren soms de verbinding met de gewone mensen. Sommige sjamanen, medicijnmannen en yogi’s werden daardoor zonderlinge vreemdelingen. Ze waren vaak eenzaam en onbegrepen. Ook kwamen er profeten; mensen die de weg naar God hadden gevonden en anderen deze weg wilden wijzen. Dat deden ze met de beste bedoelingen, maar mensen interpreteerden hun woorden en hun voorbeelden als de enige waarheid. Lange tijd nadat de profeten waren gestorven, werden hun inzichten veelal als de waarheid aangenomen en hun lessen werden strenge regimes. Het goede werk van de profeten werd tot een wet verheven en grote gebouwen werden aan hun gedachtegoed gewijd. Boeken verschenen die hun inzichten verwoordden. Er werden mensen aangesteld om ’Het Woord’ uit deze boeken te verkondigen. De woorden werden letterlijk genomen en groeiden langzaam maar zeker uit tot leidende wetten. Er werden straffen bedacht voor de mensen die deze wetten niet naleefden. De wijsheden van de profeten werden soms zelfs misbruikt om mensen te onderdrukken, om ze angst in te boezemen en vooral om de baas over ze te kunnen spelen. De wijsheden werden tot machtsmiddelen verheven en dienden lang niet altijd meer het oorspronkelijke doel: de mooie boodschap van de profeten. Er waren maar weinig mensen die de wijsheden en inzichten beleefden zoals ze bedoeld waren en ze hen eigen maakten. Het kwam vele malen vaker voor, dat de aanhangers van verschillende profeten elkaar bevochten om hun gelijk te krijgen. Hetgeen profeten daadwerkelijk bedoelden te verspreiden is dat liefde, compassie en in vrede leven met je naaste, heilige voorwaarden zijn om het gewenste pad te belopen. Die boodschap werd als zodanig niet begrepen. Oorlog, haat en vijandigheid zijn dus totaal het tegenovergestelde wat de profeten voor ogen hadden. Mensen werden vermoord of verminkt als ze anders waren of niet de wetten van de profeten naleefden. En zo werd de wereld uiteindelijk een rampzalige plek van eenzaamheid, bekrompenheid en pijn. En uit deze wereld kwamen nieuwe mensen voort, die op de achtergrond leefden. Die niet zichtbaar waren, maar toch overal om ons heen. Het zijn de kinderen van de nieuwe tijd. De kinderen die de wijsheid hebben meegekregen van de spirituele wereld. Kinderen die meer dan anderen, herinneringen hebben van hun vorige levens. Kinderen die de mensheid de nieuwe aarde moeten brengen. Lieve Moira, jij bent één van die kinderen! Ga je vrienden zoeken. Help hen om ook te groeien, te laten bloeien om zich los te kunnen breken uit de harde wereld waarin we nu leven. Laat ze opstaan, lieve Moira. Dát is waarvoor jij gekomen bent! Zij zullen weten en begrijpen wat jij komt doen. Zij zullen voelen dat jij de wetten van alle profeten begrepen hebt en dat jij de wetten van alle profeten ook werkelijk leeft. Want, Moira, een menselijke engel is vleesgeworden Liefde. Het is de aardse manifestatie van het Goddelijke licht. Het straalt en het geeft. Het geeft verlichting in tijden van zwaarte. Het geeft warmte in tijden van kou. Het geeft zachtheid in tijden van keiharde confrontaties. Het geeft. Het geeft en het geeft. Een menselijke engel is namelijk verbonden aan het eeuwige licht. Daar kan de engel oneindig uit putten. Elk mens wordt geboren om uiteindelijk die engel te worden. Om te groeien en om uiteindelijk pure liefde te worden. Hiervoor moet elk mens eerst het duister ervaren om het licht te herkennen. Hoe donkerder de wereld is, hoe beter de mensen van het licht opvallen. Je zult merken dat het zo werkt. Wij helpen jou. Je bent nooit meer alleen.” Vol ontzag kwam Moira stap voor stap terug uit haar meditatie, in de werkelijkheid. Ze was nog steeds naakt na het douchen en voelde zich nauw verbonden met de aarde; met alles wat is. Moira ging liggen op de dekens van haar bed, met haar knieën opgetrokken onder zich. Ze sloeg haar armen om zich heen en maakte zich zo klein mogelijk. Zo voelde ze zich veilig. Opeens voelde ze dat er vleugels om haar heen geslagen werden. Die zachte streling wilde haar liefde geven, steun brengen en kracht influisteren. Plots begreep ze dat het haar eigen vleugels waren. De vleugels die zij als engel droeg. Ze kon ze voelen. Het was een fijn gevoel, stevig, zwaar en enorm krachtig. Moira kreeg een brok in haar keel. Ze stond op, deed haar pyjama aan en kroop in haar bed. Ze was uitgeput. Ze wilde alleen nog maar slapen. Ze voelde haar tranen stromen. Ze maakten haar kussen nat. Het deerde haar niet. Ze liet ze de vrije loop. Er was zoveel gebeurd waar ze nauwelijks iets van begreep. Ze zou wel zien wat de inzichten haar zouden brengen.
Een roeping
De volgende morgen voelde alles als een vage herinnering, alsof dat wat gisteren was gebeurd al jaren geleden was. “Ik ben een menselijke engel,” Moira fluisterde het af en toe tegen zichzelf, misschien wel om zichzelf ervan te overtuigen. Het voelde vreemd, maar ook zo vertrouwd: Alsof ze altijd had geweten dat ooit deze dag zou komen. Ze wist dat het een zware taak was, die ze op zich had genomen. Dat het moeilijk werd en dat weinig mensen haar zouden begrijpen. Ze besloot dat ze ervoor zou gaan, ook al wist ze niet wat het haar zou brengen en wat het van haar zou vergen. Ze voelde dat het gewoon zo hoorde te zijn. Maar spannend vond ze het wel. De volgende dag werd een drukke dag vol huishoudelijke verplichtingen, werk en klanten die iets van haar wilden. Maar Moira had een gedaantewisseling ondergaan. Het deerde haar niet. Ze stond stevig op de grond, voelde zich verbonden met de mensen om zich heen en ze was zelfverzekerd. Een besluit nemen bleek al genoeg te zijn om eindelijk vol overgave haar dagelijkse beslommeringen af te kunnen werken. Ze vond het een wonderlijk gevoel, maar het kwam haar goed uit. De week verliep verder zonder bijzondere gebeurtenissen. Moira had het druk, werkte hard en genoot van haar nieuw gevonden standvastigheid. Ze leefde nog steeds in haar twee werelden, die van boven en die van beneden. Dat kon dus het verschil niet zijn. Het voelde wel zo, dat die werelden dichterbij elkaar waren gekomen. Eerst ervaarde ze de connectie met de spirits altijd als iets van buiten zichzelf, maar nu voelde het als iets dat van binnen uit kwam. Alsof ze één was met de hemel en de aarde op hetzelfde moment. Moira begreep dat ze langzaam mocht wennen aan deze nieuwe manier van leven. Ze merkte dat dingen vanzelf gingen. Ze hoefde niet zo hard meer te werken om de dingen voor elkaar te krijgen. Ze kreeg veel eerder medewerking van familie en vrienden en hoefde niemand te overtuigen van wat dan ook. Er gebeurden ook bijzonder gekke dingen. Zoals toen ze onderweg was naar de lessen die ze volgde op de spirituele school. Na de cursus healing was Moira aan diverse andere klassen gaan deelnemen. Ze wilde alles weten. Die dag zou haar les hoe dan ook om half 10 beginnen en ze wilde natuurlijk niets missen. Een file gooide roet in het eten. Moira voelde een enorme drang om de file op te laten lossen. Ze reed op de snelweg maar haar teller gaf nog geen 50 kilometer per uur aan. Verdorie, met dit slakkengangetje zou ze nooit op tijd komen. Moira zag 5 minuten verstrijken, maar ze stond nog steeds op dezelfde plek in de file. Opeens kreeg ze een ingeving. Ze stemde zich af op haar binnenste en maakte contact met haar spirituele vrienden. Opeens begon ze te blazen. Zo hard als ze kon. Ze blies de woorden die in haar opkwamen naar buiten: “Kom op, rijden. Toe maar, rijd maar verder!” Moira blies nog eens en nog een keer. Ze opende haar ogen en ze zag de file vooruit gaan. Een minuut later reed ze weer 120 kilometer per uur. Verbaasd keek ze naar de weg. Er was in geen velden of wegen een file te bekennen. Ook stond er nergens een auto langs de weg of politie. Er was gewoon niets te merken van de file die er kort van tevoren toch echt had gestaan. “Is dit wat engelen kunnen?” Moira had het zich nog niet afgevraagd of ze hoorde een stem. “De wereld is een illusie en degene die door de illusie heen is gebroken, leeft in een wereld waar alles mogelijk is. Een engel creëert zijn eigen leven. Het is een kwestie van oefenen, van afstemmen en van vertrouwen hebben in jezelf en je eigen kracht.” Moira voelde een harde lach uit haar keel ontsnappen. Het zat een beetje tegen het hysterische aan. Ze voelde zichzelf nog helemaal niet op haar gemak in deze hernieuwde vorm van haar leven. Hoe was dit toch mogelijk? “Je moet het nog leren. Heb geduld. Wij blijven je helpen. Je zult het langzaam maar zeker gaan begrijpen. Maar niet alles in één keer. Dat hebben we je toch al een keer uitgelegd? Dan zou je zo overdonderd worden door de grootsheid, dat je totaal verloren zou voelen. Neem rust. Maak plezier en zorg dat je ook met beide benen op de grond blijft staan. En dan komt de volgende stap vanzelf, wanneer jij eraan toe bent.” Ze maakte er een gewoonte van om de ervaringen die ze had te vertellen aan Sander, maar gebruikte daarbij een luchtige, vrolijke toon. Alsof het heel gewoon was dat deze dingen gebeurden. Moira zorgde er ook voor, dat ze Sander regelmatig betrok in haar belevingswereld, voordat de dingen gebeurden. Ze deelde haar voorgevoelens. Op deze manier kon Sander ook werkelijk zien en ervaren, dat ze het goed had aangevoeld. En dit werkte. Sander kwam ook met collega’s aan, die graag een consult wilden ondergaan. Vaak bleef Sander dan meeluisteren. En op deze manier werd het voor hem inzichtelijker wat Moira deed en vooral hoe dat effect had op de mensen om hen heen. Het zorgde ervoor, dat Sander haar steeds meer steunde. Hij zag namelijk wat ze mensen bracht. Moira had zelfs het gevoel, dat Sander trots op haar was. Alhoewel hij daar nooit echt over uitwijdde. Maar het moedigde haar aan. Het liet haar volhouden. Het voelde goed. Ze had haar roeping gevonden. Al denkend, stond Moira opeens voor de deur van de school. Gek genoeg, precies op tijd. Ze bleef zich verwonderen over deze momenten. Het kon toch eigenlijk niet? Ze had lang stilgestaan en was toch op tijd. Ze ging snel naar binnen.
Word vervolgd….. (Volgende Week het laatste deel…)

© Lilian Gijsbers 2014-2016 - http://www.lilianders.nl/home.html
Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm, internet of op welke wijze dan ook, zonder schrijftelijke toestemming van de uitgever/auteur. ISBN: 9789-94-022-1301-0

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen